**1..** De verlaging wordt opgelegd met ingang van de eerst volgende
kalendermaand volgend op de datum waarop het besluit tot het
opleggen van de verlaging aan de belanghebbende is bekendgemaakt.
Daarbij wordt uitgegaan van de voor die maand geldende norm.
**2..** Indien verlaging overeenkomstig het eerste lid niet mogelijk is,
wordt de norm verlaagd gedurende de eerstvolgende maand(en) nadat
aan belanghebbende binnen 12 maanden na de beëindigingsdatum van de
bijstandsuitkering opnieuw een bijstandsuitkering is toegekend.
**3..** Een verlaging wordt over één maand uitgevoerd. Het college kan als
bijzondere omstandigheden dit rechtvaardigen de uitvoering van de
verlaging te spreiden over meerdere maanden met inachtneming van
artikel 18 vijfde lid van de wet.
**4..** Voor zover de bijstandsuitkering nog niet is uitbetaald, wordt de
verlaging toegepast op de nabetaling van de betreffende
bijstandsuitkering.
**5..** In afwijking van het eerste lid wordt, voor zover het een
zelfstandige betreft die algemene bijstand in de vorm van een
geldlening op grond van het Bbz heeft ontvangen, de verlaging met
terugwerkende kracht betrokken bij de definitieve vaststelling van
die bijstandsuitkering.
HOOFDSTUK 2.
Artikel 7.
Ingangsdatum en tijdvak van een verlaging
Onderdeel van Verordening afstemming en handhaving Participatiewet c.a. 2015