**1..** Het college kent een vergoeding voor onkosten toe aan:
De uitkeringsgerechtigde die onkosten heeft als gevolg van deelname aan een traject gericht op arbeidsinschakeling of een traject gericht op arbeidsactivering. De hoogte van de vergoeding is gelijk aan de aantoonbare kosten.
De belanghebbende, niet zijnde een uitkeringsgerechtigde, die onkosten heeft als gevolg van deelname aan een traject gericht op arbeidsinschakeling en die een inkomen heeft boven het bijstandsniveau. Bij het bepalen van de hoogte van de vergoeding wordt rekening gehouden met de draagkrachtrichtlijnen van de gemeente Boxtel, zoals die gelden bij bijzondere bijstand.
**2..** Het college kent een vergoeding voor verwervingskosten toe aan de belanghebbende, die naar aanleiding van een traject gericht op arbeidsinschakeling algemeen geaccepteerde arbeid heeft aanvaard en aantoonbare verwervingskosten heeft.
**3..** De vergoeding van verwervingskosten van lid 2 is mogelijk gedurende 6 maanden, gerekend vanaf de datum werkaanvaarding.
**4..** Bij het bepalen van de hoogte van de vergoeding wordt rekening gehouden met de draagkrachtrichtlijnen van de gemeente Boxtel, zoals die gelden bij bijzondere bijstand.
**5..** Vergoeding van onkosten en verwervingskosten van artikel 11 lid 1 en 2 is niet mogelijk indien er voorliggende voorzieningen zijn.
Hoofdstuk 3.
Artikel 11.
Onkostenvergoeding
Onderdeel van Beleidsregels Re-integratie Participatiewet, IOAW en IOAZ 2015