Naar hoofdinhoud
1.. De ambtenaar is bevoegd binnen vier weken, nadat hem een exemplaar van het beoordelings- en gespreksformulier is uitgereikt, aan het hoofd van dienst schriftelijk en gemotiveerd zijn bezwaren kenbaar maken tegen de over hem uitgebrachte beoordeling. Indien de ambtenaar van deze bevoegdheden gebruik maakt, stelt hij hiervan de beoordelaar op de hoogte. 2.. Het hoofd van dienst hoort de bij de beoordeling betrokken beoordelaar en de beoordelingsadviseur en stelt de ambtenaar in de gelegenheid zijn bewaren toe te lichten. 3.. Het hoofd van dienst deelt binnen vier weken, nadat de ambtenaar zijn bezwaren tegen de over hem uitgebrachte beoordeling heeft kenbaar gemaakt, schriftelijk aan deze mede, of en op welke punten tot wijziging van de beoordeling, is overgegaan. Van deze mededeling wordt een afschrift bij de beoordeling gevoegd.

Rechtspraak bij dit artikel