Naar hoofdinhoud
Het welstandskader voor de binnenstad geeft richtlijnen. De gemeente heeft deze richtlijnen specifiek voor het plangebied ontwikkeld. Als een bouwplan aan deze richtlijnen voldoet, voegt het zich naar de ruimtelijke karakteristieken van de bestaande ruimtelijke context. Het bouwplan voldoet dan aan redelijke eisen van welstand (zie voorwaarde 3 in het kader onderaan hoofdstuk 1). De richtlijnen gaan over: Zorgvuldige omgang met de historisch gegroeide verkaveling en korrelgrootte en de positie daarvan in de stedenbouwkundige structuur; Zorgvuldige omgang met schaal, compositie en materiaal; Toekomstbestendige kwaliteit ten aanzien van constructie, materiaal en details. Basis voor de richtlijnen zijn 1) de waarden van het beschermd stadsgezicht binnenstad en 2) de gegroeide, grote architectonische diversiteit van de binnenstad. Hieronder volgen de uitgangspunten voor de richtlijnen. Hoofdstuk 3 beschrijft de richtlijnen.

Rechtspraak bij dit artikel