1.. Burgemeester en wethouders kunnen de urgentie intrekken als de woningzoekende:

  • - niet langer als woningzoekende als bedoeld in artikel 2 is aan te merken;
  • - bij zijn aanvraag gegevens heeft verstrekt waarvan hij wist of kon vermoeden dat deze onjuist of onvolledig waren, of
  • - eenmaal een aanbod voor een passende woning heeft geweigerd.

2.. Het hierboven onder 5.1.c genoemde is niet van toepassing op de in artikel 2 onder a genoemde urgenten.