Naar hoofdinhoud

§ 3 › § 3.2.1

Artikel 27

Gedragingen P-wet

Onderdeel van Verzamelverordening 2015

Gedragingen van een belanghebbende waardoor algemeen geaccepteerde arbeid niet wordt verkregen of een verplichting op grond van de artikelen 9 en 9a van de P-wet niet of onvoldoende wordt nagekomen, worden onderscheiden in de volgende categorieën: a. eerste categorie: 1. het door een persoon niet of onvoldoende meewerken aan het opstellen, uitvoeren of evalueren van een plan van aanpak; 2. het onvoldoende aantoonbaar trachten arbeid of passende scholing te verkrijgen, te aanvaarden en te behouden gedurende de wachttijd van 4 weken na melding voor jongeren tot 27 jaar; 3. het niet of onvoldoende verrichten van een door het college opgedragen tegenprestatie naar vermogen als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onderdeel c, P-wet. 4. het niet naar vermogen meewerken aan de verplichtingen, verbonden aan de inspanningsperiode van vier weken na aanvraag voor personen van 27 jaar en ouder; 5. het niet of in onvoldoende mate meewerken aan een onderzoek naar de mogelijkheden tot arbeidsinschakeling of re-integratie. b. tweede categorie: 1. het niet naar vermogen proberen algemeen geaccepteerde arbeid te verkrijgen voor zover dit niet voortvloeit uit een gedraging als bedoeld in artikel 18, vierde lid, van de P-wet; 2. het door een alleenstaande ouder niet voldoen aan de re-integratieverplichtingen verbonden aan de in artikel 9a, eerste lid, P-wet bedoelde ontheffing, wat heeft geleid tot het intrekken van de ontheffing van de arbeidsplicht; 3. het zich niet (tijdig) laten registeren als werkzoekende bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen of het niet (tijdig) laten verlengen van de registratie; 4. andere gedragingen die de inschakeling in arbeid belemmeren, niet zijnde gedragingen genoemd in artikel 18, vierde lid, P-wet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel