De mogelijkheden en resultaten voor afvalscheiding verschillen per gemeente. In het algemeen zijn de mogelijkheden tot afvalscheiding in stedelijke gebieden beperkter dan in minder stedelijke tot landelijke gebieden. Het eerste LAP bevatte daarom gedifferentieerde doelstellingen voor gemeenten van de verschillende stedelijkheidsklassen. Deze differentiatie is losgelaten in het huidige (tweede) LAP. De werkgroep afvalbranche heeft geconcludeerd dat een onderscheid naar stedelijkheidsklasse niet representatief is voor de mogelijkheden en mate van afvalscheiding. Een uitvoerige analyse van de verschillende gemeenten heeft geleid tot een differentiatie naar het percentage hoogbouwwoningen dat in de gemeente aanwezig is. Voor gemeenten met relatief veel hoogbouwwoningen adviseert de werkgroep lagere scheidingsdoelstellingen dan voor gemeenten met veel laagbouwwoningen, waar meer mogelijkheden zijn tot het scheiden van afval.
De werkgroep adviseert een resultaatverplichting voor de hoeveelheid restafval, die afhankelijk is van de het percentage hoogbouw.
0-20% hoogbouw 150 kg restafval per inwoner
20-40% hoogbouw 180 kg restafval per inwoner
40-60% hoogbouw 235 kg restafval per inwoner (o.a. Zandvoort)
60-90% hoogbouw 320 kg restafval per inwoner
Deze doelstelling is voor alle categorieën ambitieus. De werkgroep heeft berekend dat wanneer alle gemeenten hieraan voldoen, dit tot een afname van het restafval leidt van 1,5 miljoen ton, waarmee aan de doelstelling van Atsma (65% nuttige toepassing) wordt voldaan. In elke categorie zijn er gemeenten die deze restafvaldoelstelling nu al halen, waarmee deze realiseerbaar lijken.
Zandvoort valt in de categorie met 40 tot 60% hoogbouw. Hierin zitten vijftien gemeenten, vijf uit stedelijkheidsklasse 1, acht uit stedelijkheidsklasse 2 en twee uit stedelijkheidsklasse 3, waaronder Zandvoort. De inzamelresultaten van deze gemeenten in 2011 zijn als volgt:
Resultaten 2011
stedelijk-
aantal
bron-
restafval
GFT
gemeente
heid
inwoners
scheiding
(kg/inw)
(kg/inw)
Utrecht
1
307.081
34%
268
30
Groningen
1
187.298
38%
236
41
Haarlem
1
149.579
32%
288
39
Arnhem
2
147.018
42%
244
59
Zoetermeer
2
121.532
37%
248
54
Dordrecht
2
188.480
45%
237
52
Leiden
1
117.123
31%
264
24
Amstelveen
2
80.695
45%
242
50
Leidschendam-Voorburg
1
72.160
38%
268
61
Zeist
3
60.286
51%
238
100
Ridderkerk
2
44.746
47%
242
79
Wageningen
2
37.359
55%
182
70
Maassluis
2
31.591
38%
266
45
Diemen
2
24.685
30%
273
9
Zandvoort
3
16.632
34%
283
70
Totaal/gemiddeld
1.586.265
40%
252
52
Als we de resultaten van 2011 van Zandvoort vergelijken met de andere gemeenten uit deze categorie, kunnen we het volgende vaststellen:
Zandvoort is qua inwonertal de kleinste gemeente uit deze categorie en behoort met Zeist tot de minst stedelijke gemeenten (stedelijkheid 3);
De bronscheiding (2011) ligt met 34% onder het gemiddelde van 40%
De hoeveelheid restafval (2011) is met 283 kg per inwoner relatief hoog, het gemiddelde is 252 kg per inwoner;
De hoeveelheid GFT (2011) ligt met 70 kg per inwoner ruim boven het gemiddelde van 52 kg per inwoner.
Hoofdstuk 2
Artikel 3.4
ZANDVOORT VERGELEKEN MET ANDERE GEMEENTEN
Onderdeel van Afvalstoffenbeleidsplan 2014-2018