De Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) kent algemene voorzieningen en maatwerkvoorzieningen. Bij een algemene voorziening gaat het om een dienst of activiteit die zonder voorafgaand onderzoek naar de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van de gebruikers, toegankelijk is en die is gericht op maatschappelijke ondersteuning.
Bij een maatwerkvoorziening gaat het om een dienst of activiteit die specifiek is afgestemd op de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van de gebruiker (hulpmiddelen, woningaanpassingen e.d.). Voor maatwerkvoorzieningen geldt de WMO als voorliggende voorziening. De eigen bijdrage wordt door het CAK vastgesteld waarbij rekening gehouden wordt met de financiële draagkracht.
Wanneer iemand voldoende heeft aan een standaard schoon huis kan hij geen gebruik maken van de maatwerkvoorziening huishoudelijke ondersteuning (waarvoor meer nodig is). Hij is dan aangewezen op de algemene voorziening huishoudelijke ondersteuning, waarvoor hij zelf de kosten dient te dragen. Alleen voor deze kosten kan, nadat de noodzaak van de voorziening is vastgesteld, bijzondere bijstand worden verstrekt.
Aan de volgende voorwaarden dient te worden voldaan:
De persoon is aangewezen op de algemene voorziening huishoudelijke ondersteuning, waarvoor hij zelf de kosten dient te dragen. Alleen voor deze kosten kan, nadat de noodzaak van de voorziening is vastgesteld, bijzondere bijstand worden verstrekt.
Er bestaat geen recht op bijzondere bijstand als een beroep kan worden gedaan op de WMO-maatwerkvoorziening huishoudelijke ondersteuning of andere voorliggende voorzieningen.
Hoogte bijzondere bijstand
De eigen bijdrage van de algemene voorziening huishoudelijke ondersteuning wordt vergoed. De bijzondere bijstand wordt in beginsel om niet verstrekt.
Verplichting
Bij toekenningsbeschikking wordt de verplichting opgelegd om binnen 4 weken na toekenning bewijs te overleggen waaruit blijkt dat de bijzondere bijstand is aangewend voor het doel waarvoor het is verstrekt. Dit indien de kosten niet voorafgaand aangetoond en geverifieerd kunnen worden.
Draagkracht (uitzondering)
De inkomensgrens wordt gesteld op maximaal 120% de van toepassing zijnde bijstandsnorm. Het eigen huis wordt bij het bepalen van het vermogen buiten beschouwing gelaten.
Hoofdstuk 6
Artikel 6.5a
Huishoudelijke ondersteuning (WMO)
Onderdeel van Beleidsregels inkomensondersteuning Participatiewet Gemeente Zoeterwoude 2015