**1..** Bij het doen van feitelijke uitzettingen worden de volgende richtlijnen
in acht genomen:
(Tijdelijke) overtollige middelen worden in de schatkist bij het
Rijk aangehouden;
Uitgezonderd van deze verplichting zijn:
Middelen voor zover deze, gerekend over een kwartaal
gemiddeld het drempelbedrag schatkistbankieren niet te
boven gaan. Het drempelbedrag wordt bepaald op basis van
het begrotingstotaal van het openbaar lichaam. Voor
openbare lichamen met een begrotingstotaal kleiner of
gelijk aan € 500 miljoen is het drempelbedrag gelijk aan
0,75% van het begrotingstotaal, waarbij het
drempelbedrag minimaal € 250.000 bedraagt. Voor openbare
lichamen met een begrotingstotaal groter dan € 500
miljoen is het drempelbedrag gelijk aan € 3,75 miljoen,
vermeerderd met 0,2% van het dele van het
begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat.
Middelen aangehouden in fondsen, bedoeld in artikel
15.47 van de wet Milieubeheer (door GS van een provincie
opgericht fonds, bestemd voor de zorg van gesloten
stortplaatsen);
Middelen op een G-rekening als bedoeld in artikel 1,
onder k, van de Uitvoeringsregeling inleners-, keten en
opdrachtgeversaansprakelijkheid 2004;
**2..** Gelden die conform lid 1 uitgezonderd zijn van de verplichting om in de
schatkist bij het Rijk te worden aangehouden, zet de gemeente, al dan
niet tegen waardepapieren, slechts uit bij en gaat slechts
verbintenissen met betrekking tot financiële derivaten aan met
financiële ondernemingen die:
gevestigd zijn in een lidstaat die ten minste beschikt over een
AA-rating afgegeven door ten minste twee ratingbureaus; en
voor henzelf of voor de door hen uitgegeven waardepapieren
kunnen aantonen dat ze ten minste over een AA-minusrating
beschikken, afgegeven door ten minste twee ratingbureaus.
**3..** Indien de gelden worden uitgezet of de verbintenissen met betrekking tot
financiële derivaten worden aangegaan voor een periode van minder dan
drie maanden, tonen deze financiële ondernemingen aan dat ze, in
afwijking van het tweede lid, onderdeel b, voor henzelf of voor de door
hen uitgegeven waardepapieren ten minste over een A-rating, afgegeven
door ten minste twee ratingbureaus beschikken.
**4..** Het tweede en derde lid zijn niet van toepassing op uitzettingen tegen
waardepapieren waarvoor een solvabiliteitsratio van 0 procent
geldt.
**5..** De gemeente zet tijdelijk overtollige gelden van aangetrokken leningen
voor projectfinanciering uitsluitend uit bij de financiële onderneming
waar deze leningen zijn aangegaan, onverminderd het tweede en derde
lid.
**6..** Indien de gemeente een nettingovereenkomst heeft afgesloten met een
financiële onderneming met betrekking tot het uitzetten van tijdelijk
overtollige gelden van aangetrokken leningen voor projectfinanciering
als bedoeld in het vijfde lid, zijn het tweede en derde lid niet van
toepassing.
**7..** Bij het uitlenen van gelden anders dan in het kader van treasury zijn de
in de leden 1 tot en met 6 gestelde voorwaarden niet van toepassing. Wel
dient in een dergelijk geval de gemeenteraad te worden gehoord alvorens
het college over het uitzetten van gelden een definitief besluit
neemt.