De registratie van de werktijden moet door iedere medewerker persoonlijk geschieden.
De directeur stelt nadere richtlijnen vast voor de registratie en verantwoording van aan- en afwezigheid.
Positieve en negatieve saldi op de tijdregistratie zijn toegestaan mits het positief urensaldo aan het einde van enig kalenderjaar niet het hoger is dan 50,4 uur en een negatief urensaldo niet hoger dan 10 uur. Bij een positief urensaldo van meer dan 50,4 uur vervallen de meerdere uren per 1 januari van het daaropvolgend kalenderjaar. Bij een negatief urensaldo van meer dan 10 uur wordt het meerdere per 1 januari van het daaropvolgend kalenderjaar verrekend met het vakantieverlof.
Voor parttimers gelden de in het eerste lid genoemde urensaldi naar rato van hun betrekkingsomvang.