Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK XIV › Paragraaf 2.

Artikel 33

Artikel 33

Onderdeel van Samenwerkingsregeling Noordwest-Veluwe

1.. De deelnemende gemeenten zullen er, met inachtneming van artikel 35, eerste lid, steeds zorg voor dragen dat het samenwerkingsverband te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan al zijn verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen. 2.. De kosten van de werkverbanden van de sociale werkvoorziening, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onder d, worden verdeeld onder de deelnemende gemeenten waar werknemers wonen die zijn geplaatst in het kader van de Wet sociale werkvoorziening, naar rato van het aantal werkdagen in het betreffende kalenderjaar. Bij de berekening van het nadelig saldo wordt rekening gehouden met een jaarlijks te bepalen aandeel van subsidie, dat betaalbaar wordt gesteld voor de sociale werkvoorziening. 3.. De kosten van bestuur en beheer van de dienst sociale werkvoorziening worden verdeeld over de deelnemende gemeenten naar rato van het aantal inwoners per gemeente op 1 januari van het betreffende kalenderjaar. 4.. De kosten van de milieu-hygiënische taakuitoefening, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onder f, worden voor wat betreft de technische dienstverlening op uurtarief doorberekend aan de deelnemende gemeenten. Bij onderbezetting van deze technische dienstverlening staan de gemeenten elk voor een gelijk deel garant voor de ontbrekende uren. 5.. De kosten van de bijzondere controle, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onder h, waaronder begrepen de personele kosten en huisvestingskosten, worden betaald door de deelnemende gemeenten, naar rato van de op 31 december van het voorafgaande kalenderjaar bestaande verhouding tussen het aantal uitkeringsgerechtigden van een deelnemende gemeente enerzijds en van de gemeenten tezamen anderzijds. 6.. De kosten voor de uitvoering van de Leerplichtwet, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onder i, waaronder begrepen de personele kosten en huisvestingskosten, worden betaald door de deelnemende gemeenten, op basis van het aantal leerplichtige leerlingen. 7.. De kosten voor de taak, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onder e, worden verdeeld onder de deelnemende gemeenten op basis van werkelijke kosten, zoals vastgelegd in een voor die taak af te sluiten dienstverleningsovereenkomst tussen elke deelnemende gemeente en het samenwerkingsverband. 8.. De overige kosten, die niet behoren tot het tweede tot en met zesde lid, worden betaald naar rato van de verhouding tussen het aantal inwoners van een deelnemende gemeente enerzijds en van de gemeenten tezamen anderzijds. Het betreft hierbij de aantallen inwoners per 1 januari van het betreffende jaar. Voor de vaststelling van de aantallen inwoners worden aangehouden de door het Centraal Bureau voor de Statistiek openbaar gemaakte bevolkingscijfers. 9.. Indien na afloop van een jaar sprake is van een tekort of overschot op de jaarrekening, worden tekorten bijbetaald of overschotten uitbetaald op basis van inwoneraantal, als bedoeld in het achtste lid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel