1.a. De woningzoekende die meent voor een sociale, medische of
mantelzorgurgentie in
aanmerking te komen, dient een schriftelijke aanvraag in bij
burgemeester en wethouders van de gemeente waar de urgente
woonsituatie is ontstaan of, bij mantelzorgindicatie, de gemeente
waar de mantelzorg verleend gaat worden.
De aanvraag dient in ieder geval een motivering te bevatten,
waarin wordt vermeld:
de aard van de persoonlijke problematiek;
de relatie van deze problematiek met de huidige woonsituatie
en
de argumentatie op grond waarvan verhuizing binnen een half
jaar absoluut noodzakelijk is.
de argumentatie waarom de woningzoekende niet in staat is om
binnen 6 maanden op andere wijze geschikte huisvesting te
vinden.
Bij een aanvraag om toekenning van de urgentie kunnen
burgemeester en wethouders advies inwinnen bij een door hen
aan te wijzen adviseur.
a. De aanvraag voor een volkshuisvestelijke indicatie voor
urgentie kan uitsluitend schriftelijk door de eigenaar van
de woonruimte bij burgemeester en wethouders worden
ingediend.
De aanvraag voor een maatschappelijke indicatie voor
urgentie kan uitsluitend worden ingediend bij burgemeester
en wethouders door een van gemeentewege erkend opvangtehuis
in de woningmarktregio of een van gemeentewege erkende hulp-
en dienstverleningsinstellingen in de woningmarktregio.
Een aanvraag kan voor één indicatiegrond worden ingediend.
Een aanvraag om toekenning van een indicatie voor urgentie
waarover in het verleden reeds is beslist, wordt alleen dan
in behandeling genomen indien er sprake is van gewijzigde
feiten en omstandigheden.
Hoofdstuk › Paragraaf 2.5
Artikel 2.5.2
Aanvraag en besluitvorming tot urgentie
Onderdeel van Huisvestingsverordening Stichtse Vecht 2015