Plaatsonafhankelijk werken is maatwerk. Het gaat er vooral om de genoemde uitgangspunten en voorwaarden in redelijkheid en billijkheid toe te passen. Plaatsonafhankelijk werken betreft werken op een andere plek, zoals gebruik maken van seats tot share, thuiswerken, werken in het gemeentelijke gebouw na 19.00 uur. Plaatsonafhankelijk werken is alleen toegestaan in overleg met de leidinggevende, voorzover het dienstbelang het toelaat en kan niet als recht geclaimd worden.
Een medewerker die plaatsonafhankelijk werkt is zelf verantwoordelijk voor een goede werkplek. De werkgever stelt voor arbo-voorzieningen thuis geen extra faciliteiten of geld ter beschikking.
Werkzaamheden in de buitendienst of werkzaamheden waar persoonlijk contact voor nodig is lenen zich niet voor plaatsonafhankelijk werken. Uiteraard is plaatsonafhankelijk werken even min mogelijk als de medewerker vanuit deze plek geen toegang heeft voor zijn functie noodzakelijk systemen. Collega’s moge niet de dupe worden van het plaatsonafhankelijk werken, bijvoorbeeld omdat zij door afwezigheid van de medewerker in de uitvoering van hun werkzaamheden worden belemmerd of de werkdruk bij collega’s toeneemt.
Een medewerker is zelf verantwoordelijk voor het bereikbaar zijn tijdens het plaatsonafhankelijk werken.
Een functie bestaat over het algemeen uit meer taakbestanddelen, kan het gewenst zijn per situatie te beoordelen of een bepaald onderdeel plaatsonafhankelijk kan worden verricht.
Enkele voorbeelden van plaatsonafhankelijk werken:
De spoedklus: om een planning te halen dient een medewerker zich enkele dagen te kunnen concentreren. In de praktijk lukt dit in zijn geval niet op de reguliere werkplek.
Achterstanden wegwerken: Een medewerker die veel fysieke klantencontacten heeft en ook als vraagbaak voor collega’s optreedt heeft veel (administratieve) achterstand opgelopen die hij op kantoor niet weggewerkt krijgt, omdat hij voortdurend gestoord wordt in zijn werkzaamheden.
Overmacht: door ernstige verkeershinder (stakingen openbaar vervoer, overmatige sneeuwval, etc) kan een medewerker zijn werkplek niet (makkelijk) bereiken.
Re-integratie:
Door een beenbreuk kan de medewerker zijn werkplek niet bereiken. In overleg met de bedrijfsarts kan hij wel een aantal taken van huis uit verrichten.
Combinatie werk en privé: de medewerker moet thuis aanwezig zijn ivm. door een monteur uit te voeren reparaties in huis. De medewerker zorgt er voor dat hij die (halve) dag werkzaamheden inplant die vanaf zijn thuiswerkplek mogelijk zijn.