Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Langdurig laag inkomen

Onderdeel van Verordening langdurigheidstoeslag gemeente Dinkelland 2010

1.. Onverminderd het bepaalde in artikel 36 van de wet wordt aan de in het eerste lid van dit artikel gestelde voorwaarde van het hebben van een langdurig, laag inkomen voldaan, indien gedurende de referteperiode het inkomen van de belanghebbende niet uitkomt boven 100% van de norm. 2.. Geen uitzicht op inkomensverbetering als bedoeld in artikel 36, eerste lid van de wet heeft de belanghebbende die voldoet aan het bepaalde in het eerste lid. 3.. Inkomen uit of in verband met arbeid dat gedurende de referteperiode in enig jaar naast het inkomen als bedoeld in het eerste lid is ontvangen, mag niet meer bedragen dan de op de belanghebbende van toepassing zijnde langdurigheidstoeslag als bedoeld in artikel 4. 4.. Geen recht op de langdurigheidstoeslag bestaat indien de belanghebbende: op de peildatum of in de referteperiode een opleiding volgt of heeft gevolgd als bedoeld in de Wet studiefinanciering 2000 of de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten; in de referteperiode in onvoldoende mate heeft getracht algemeen geaccepteerde arbeid te verkrijgen of te aanvaarden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel