Deze regeling verstaat onder:
bevoegd bestuursorgaan: het college en de burgemeester, elk voor zover het zijn bevoegdheid betreft;
besluiten : de bevoegdheid om in naam en onder verantwoordelijkheid van het bevoegd bestuursorgaan zowel besluiten te verlenen als te weigeren;
verlenen : de bevoegdheid om in naam en onder verantwoordelijkheid van het bevoegd bestuursorgaan besluiten te nemen waarbij het weigeren van dat besluit is uitgezonderd;
ondertekenen : de bevoegdheid om door het bevoegd bestuursorgaan genomen besluiten namens hem te ondertekenen;
vertegenwoordigen : de bevoegdheid om het bevoegd bestuursorgaan te vertegenwoordigen in bestuursrechtelijke geschillen, alsmede de machtiging van de burgemeester om zijn bevoegdheid de gemeente in en buiten rechte te vertegenwoordigen, namens hem uit te oefenen;
volmacht : de bevoegdheid om in naam en onder verantwoordelijkheid van het bevoegd orgaan van de rechtspersoon gemeente, privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten;
machtiging : de bevoegdheid om in naam en onder verantwoordelijkheid van het bevoegd bestuursorgaan handelingen te verrichten die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn;
mandaatgever : het bevoegd bestuursorgaan dat zijn bevoegdheid laat uitoefenen;
gemandateerde : de functionaris of de portefeuillehouder aan wie een bevoegdheid is toebedeeld;
Leidinggevende : secretaris, en afdelingsmanager;
Direct-leidinggevende: degene die belast is met de dagelijkse, hiërarchische aansturing van een medewerker;
Programmamanager: De medewerker die belast is met het structureel aansturen van programma’s gericht op het bereiken van doelstellingen op de lange termijn en gericht op het initiëren en regisseren van ontwikkelingsprocessen met betrekking tot samenhangende projecten en activiteiten in een tijdelijke organisatie.
portefeuillehouder : het lid van het college tot wiens portefeuille een bepaalde aangelegenheid behoort.
mandaatregister : de in de hoofdstukken 2 t/m 9 opgenomen bevoegdheden.