Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1.2

Reikwijdte van de regeling

Onderdeel van Mandaatregeling gemeente De Bilt 2015

1.. Bij de uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in deze regeling, worden de daarbij in het mandaatregister vermelde specifieke bepalingen en de algemene bepalingen uit dit hoofdstuk in acht genomen. 2.. Indien de uitoefening van de in het eerste lid bedoelde bevoegdheden de besteding van budgetten met zich meebrengt, maakt die beslissing onderdeel uit van het vermelde mandaat. Dit voor zover daarbij te nemen besluiten niet zullen leiden tot overschrijding van het betreffende budget zoals opgenomen in de gemeentelijke begroting, de Budgethoudersregeling De Bilt 2015, de Financiële verordening 2013, het Treasurystatuut 2008 en het Inkoop- en aanbestedingsbeleid 2014 of opvolgers van deze regelingen. 3.. Tenzij in het mandaatregister anders is bepaald hebben de aldaar opgenomen bevoegdheden betrekking op: het verlenen en weigeren van een aanvraag; het buiten behandeling laten van een aanvraag; het niet-ontvankelijk verklaren van een aanvraag; het nemen van alle voorbereidingsbesluiten en het verrichten van alle voorbereidingshandelingen; het wijzigen, opzeggen of anderszins beëindigen van het genomen besluit; het uitreiken van bewijs van de ontvangst van aanvragen e.d.; het vaststellen van formulieren voor het indienen van aanvragen e.d.; aanhouden, verdagen en/of uitstellen een te nemen besluit; verzoeken om aanvullende informatie; het voeren van correspondentie, die direct te maken heeft met de opgedragen taken; het stellen van nadere voorwaarden of het stellen van voorschriften en beperkingen; het toekennen van bedragen in termijnen; het toekennen van voorschotten; het afleggen van verantwoording aan het rijk of de provincie; het bekend maken van besluiten/beschikkingen; en het toezenden van besluiten/beschikkingen aan instanties en personen. 4.. De uitoefening van de volgende bevoegdheden is uitdrukkelijk voorbehouden aan het bevoegd bestuursorgaan, tenzij in het mandaatregister expliciet anders is bepaald: De bevoegdheid tot het opleggen van een last onder bestuursdwang of het opleggen van een last onder dwangsom, alsmede het intrekken van dergelijke besluiten; Indien en voorzover het bestuursorgaan aan de betrokken leidinggevende of de gemandateerde meedeelt dat hij in plaats van de gemandateerde wenst te beslissen. Deze mededeling geschiedt voorafgaand aan de beslissing; Het uitgaven betreft die niet passen binnen de begroting of de daarvoor ter beschikking gestelde kredieten dan wel wanneer de desbetreffende budgethouder niet daarmee instemt. 5.. De portefeuillehouder en de gemeentesecretaris zijn, ieder voor zich of beiden gezamenlijk, bevoegd om namens het college de in het vierde lid, onder b, bedoelde mededeling te doen. 6.. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid, wordt bij de uitoefening van bedoelde bevoegdheden het daaromtrent gestelde bij of krachtens wetten, besluiten, verordeningen, circulaires, regelingen, aanwijzingen of richtlijnen, hoe ook genaamd, van Europese, rijks-, provinciale- en gemeentelijke wetgevers of bestuursorganen in acht genomen. Ten aanzien van bevoegdheden die financiële consequenties hebben, geldt bovendien dat hierin in de begroting of vastgestelde kredieten moet zijn voorzien.

Rechtspraak bij dit artikel