In dit artikel zijn de minimumvoorwaarden vastgelegd waaronder ouders van leerlingen die scholen bezoeken die onder Titel 2 vallen, aanspraak kunnen maken op bekostiging van de vervoerskosten. Hierbij geldt als uitgangspunt: bekostiging van de kosten van openbaar vervoer dan wel de kosten van het vervoer per fiets.
Afstandscriterium
Artikel 4, lid 8, Wpo en artikel 4, lid 7, Wec stellen dat de verordening kan bepalen dat geen aanspraak op bekostiging bestaat op grond van de afstand. Artikel 4, lid 7, Wpo stelt een afstand van zes kilometer als bovengrens. Deze afstand wordt in de verordening als criterium aangehouden.
In artikel 4, lid 13, Wpo is bepaald dat geen afstandscriterium kan worden gehanteerd voor leerlingen die wegens hun lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke handicap op ander vervoer dan openbaar vervoer zijn aangewezen, dan wel vanwege een zodanige handicap niet zelfstandig van het openbaar vervoer gebruik kunnen maken.
Op grond van artikel 4, lid 7, Wec kan in de verordening wel een afstandscriterium worden gehanteerd voor leerlingen die wegens hun lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke handicap op ander vervoer dan openbaar vervoer zijn aangewezen. Omdat dit rechtsongelijkheid geeft ten opzichte van gehandicapte leerlingen die een school voor basisonderwijs en speciale school voor basisonderwijs bezoeken – dan kan immers geen afstandscriterium worden gehanteerd – wordt in de verordening geen afstandscriterium gehanteerd voor gehandicapte leerlingen die een school voor speciaal onderwijs bezoeken.
Kosten openbaar vervoer
De bekostiging op basis van openbaar vervoer wordt berekend op basis van de kosten van een maandabonnement voor de bus, ook indien de leerling van een ander openbaarvervoermiddel gebruik maakt.
Fietsvergoeding
Het tweede lid bepaalt dat een fietsvergoeding kan worden verstrekt. Het college dient dan van oordeel te zijn dat de leerling, al dan niet onder begeleiding, gebruik kan maken van het vervoer per fiets. Hierbij worden dan factoren als leeftijd, eventuele handicap, de veiligheid van de route en de afstand in overweging genomen. Het is mogelijk om een fietsvergoeding voor de zomermaanden te verstrekken en een andere vervoersvoorziening voor de overige maanden toe te kennen.