**1..** Aan de vergunning kunnen voorschriften en beperkingen worden
verbonden.
**2..** Deze kunnen slechts betrekking hebben op:
**a..** de plaats van de werkzaamheden;
**b..** aanvang en beëindiging van de werkzaamheden;
**c..** de wijze van uitvoering van de werkzaamheden, onder meer in verband
met de bescherming en het behoud van archeologische resten, de
bescherming van het milieu en het voorkomen en beperken van
schade;
**d..** het bevorderen van medegebruik van voorzieningen;
**e..** het afstemmen van de voorgenomen werkzaamheden met beheerders van
overige in de grond aanwezige werken.
**3..** De aanvrager is verantwoordelijk voor naleving van de voorschriften
en beperkingen die aan de vergunning zijn verbonden.
Hoofdstuk II
Artikel 9.
Voorschriften en beperkingen
Onderdeel van Algemene verordening ondergrondse infrastructuur Delft 2015