Recht op de individuele inkomenstoeslag heeft de belanghebbende die
op de peildatum geen zicht heeft op inkomensverbetering, waarbij lid 2
van dit artikel en artikel 4 van deze beleidsregel niet van toepassing
zijn en:
die volledig en duurzaam arbeidsongeschikt is als bedoeld in artikel
4 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, of
die op grond van artikel 9a van de wet een ontheffing van de plicht
tot arbeidsinschakeling heeft, of
die op grond van artikel 6b van de wet medisch
urenbeperkt is en waarop een vrijlating van inkomsten zoals
bedoeld in artikel 31 tweede lid onder z van toepassing is, of
die op grond van artikel 9 tweede lid van de wet een tijdelijke
ontheffing heeft en waarbij lid 2 van dit artikel niet van toepassing
is, of
waarvan is vastgesteld dat er uitzicht is op inkomensverbetering,
en belanghebbende inspanningen verricht heeft om tot
inkomensverbetering te komen en waarbij lid 2 van dit artikel niet
van toepassing is.
Een individuele inkomenstoeslag wordt niet toegekend als
belanghebbende in de afgelopen 36 maanden:
wegens een gedraging zoals genoemd in artikel 18, vierde lid een
maatregel opgelegd heeft gekregen, of
wegens een gedraging van de 2de 3de of 4de categorie zoals bedoeld in de artikelen 7 en 8 van de Afstemmingsverordening een
maatregel opgelegd heeft gekregen, of
wegens een gedraging zoals genoemd in artikel 18a, eerste lid een
bestuurlijke boete opgelegd heeft gekregen, mits de boete hoger is dan het bedrag genoemd in artikel 5:53 eerste lid van de Awb of
d.wegens een gedraging zoals genoemd in artikel 18b, eerste lid een
maatregel opgelegd heeft gekregen. Deze uitsluiting geldt vanaf 1 januari 2016.
Hoofdstuk
Artikel 3
Recht op individuele inkomenstoeslag
Onderdeel van Beleidsregel individuele inkomenstoeslag gemeente Heerlen 2015, eerste wijziging