**1..** Burgemeester en wethouders kunnen de gevraagde splitsingsvergunning
weigeren, indien:
**a..** het gebouw of het gedeelte van een gebouw waarop de
vergunningaanvraag betrekking heeft één of meer woonruimten bevat
die verhuurd worden of laatstelijk verhuurd zijn geweest, en
**b..** de huurprijs van één of meer van die woonruimten of voormalige
woonruimten lager is dan de huurprijsgrens, en
**c..** niet gewaarborgd is dat die woonruimte of woonruimten na de
voorgenomen splitsing bestemd blijven voor verhuur ter bewoning,
en
**d..** het belang dat de vergunningaanvrager bij splitsing heeft, niet
opweegt tegen het belang van het behoud van de woonruimtevoorraad,
voor zover die voor verhuur is bestemd.
**2..** Burgemeester en wethouders kunnen de gevraagde splitsingsvergunning
eveneens weigeren, indien:
**a..** het gebouw of het gedeelte van het gebouw waarop de
vergunningaanvraag betrekking heeft, voor zover het geheel of
gedeeltelijk verhuurd is geweest voor bewoning, in strijd met de
voorschriften van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1 dan
wel een inpassingsplan als bedoeld in artikel 3.26 of 3.28 van de
Wet ruimtelijke ordening (Stb. 2006, 566) of met enig wettelijk
voorschrift geheel of gedeeltelijk voor een ander doel dan voor
bewoning in gebruik is genomen, en
**b..** de huurprijs van één of meer van die voormalige woonruimte(n) lager
is dan de huurprijsgrens, en
**c..** niet gewaarborgd is dat de voormalige woonruimte of woonruimten na
de voorgenomen splitsing opnieuw bestemd zullen worden voor verhuur
te bewoning, en
**d..** het belang dat de vergunningaanvrager bij splitsing heeft, niet
opweegt tegen het belang van het behoud van de woonruimtevoorraad,
voor zover die voor verhuur is bestemd.
**3..** Burgemeester en wethouders kunnen de gevraagde splitsingsvergunning
eveneens weigeren, indien:
**a..** voor het gebied waarin het gebouw is gelegen waarop de
vergunningaanvraag betrekking heeft, een bestemmingsplan als bedoeld
in artikel 3.5 van de Wet ruimtelijke ordening van kracht is, dan
wel een ontwerp voor zodanig plan of voor een herziening daarvan in
procedure is,
**b..** het ontwerp voor dat plan, dan wel voor de herziening daarvan ter
inzage is gelegd voordat de aanvraag om vergunning is ingediend, dan
wel, indien de aanvraag krachtens het tweede lid is aangehouden,
voordat die aanhouding is geëindigd,
**c..** de voorgenomen splitsing nadelige gevolgen kan hebben voor de met
het plan nagestreefde of na te streven doeleinden, en
**d..** het belang dat de vergunningsaanvrager bij splitsing heeft, niet
opweegt tegen het belang van het voorkomen van belemmering van de
modernisering of vervanging.
**4..** Burgemeester en wethouders kunnen de gevraagde splitsingsvergunning
ten slotte weigeren, indien:
**a..** de toestand van het gebouw waarop de vergunningaanvraag betrekking
heeft, zich uit een oogpunt van indeling of de staat van onderhoud
geheel of ten dele tegen splitsing verzet, en
**b..** de desbetreffende gebreken niet door het treffen van voorzieningen
of het aanbrengen van verbeteringen kunnen worden opgeheven, dan wel
onvoldoende verzekerd is, dat die gebreken zullen worden
opgeheven.
**5..** Van gebreken als bedoeld in het vierde lid is in ieder geval sprake,
indien burgemeester en wethouders ingevolge artikel 1 b en/of
artikel 13 van de Woningwet een aanschrijving hebben uitgevaardigd
en nog niet aan deze aanschrijving is voldaan of een aanschrijving
kunnen uitvaardigen.
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 41:
Weigeringsgronden splitsingsvergunning
Onderdeel van Nieuwe Huisvestingsverordening Delft 2015