Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

  • - aanvullende uitkering:

    uitkering tijdens de werkloosheidsuitkering;

  • - bezoldiging:

    het gemiddelde van de bezoldiging als bedoeld in artikel 3:1, berekend over een periode van 12 maanden direct voorafgaand aan de start van de re-integratiefase of de start van het Van werk naar werk-traject, vermeerderd met de vakantietoelage en de eindejaarsuitkering; deze wordt geïndexeerd met de generieke salarisverhoging in de gemeentelijke sector;

  • - gemeentelijke sector:

    de gemeenten en gemeenschappelijke regelingen, die de CAR vantoepassing hebben verklaard;

  • - boventalligheid:

    de situatie dat een ambtenaar wegens reorganisatie niet kan terugkeren in de formatie na de reorganisatie;

  • - na-wettelijke uitkering:

    de uitkerig na afloop van de werkloosheidsuitkering;

  • - werkloosheid:

    werkloosheid als bedoeld in de Werkloosheidswet, waarbij het arbeidsurenverlies voortvloeit uit de beëindiging van de aanstelling of arbeidsovereenkomst bij de gemeente;

  • - werkloosheidsuitkering:

    uitkering op grond van de Werkloosheidswet, welke uitkering voortvloeit uit de aanstelling of arbeidsovereenkomst met de gemeente.