**1..** Aanvultermijn tijdens de aanvraagprocedure. Als er tijdens een aanvraagprocedure een aanvultermijn wordt geboden om de aanvraag compleet te maken en de klant maakt gebruik van deze termijn, is formeel al sprake van schending van de inlichtingenplicht. Het college ziet hier echter af van het geven van een waarschuwing of boete op te leggen. Reden is dat een aanvraagprocedure vaak nieuw is en een klant niet altijd weet wat hij moet aanleveren. Er wordt uitgegaan van de intentie van de klant om de aanvraag compleet te maken. Een boetetraject schiet in deze situatie zijn doel voorbij.
**2..** Buiten behandeling laten of afwijzen van een aanvraag. Als belanghebbende de aanvraag niet aanvult en de aanvraag wordt buiten behandeling gesteld of de aanvraag wordt afgewezen omdat het recht niet is vast te stellen, is er mogelijk wel sprake van (op zijn minst enige) verwijtbaarheid (als belanghebbende ook in de gelegenheid was om wel de juiste informatie te verstrekken). Maar ook hier kiest het college ervoor om geen waarschuwing te geven of een boete op te leggen. De bijstand wordt namelijk niet te gelde gemaakt en ook hier schiet een boetetraject zijn doel voorbij.
**3..** Klant verstrekt valse informatie tijdens aanvraagprocedure. Uitzondering is echter als een klant valse informatie heeft verstrekt om ten onrechte een uitkering te krijgen en het college dit al tijdens de aanvraag doorziet. In dat geval wijst het college niet uitsluitend de aanvraag af, maar legt ook tevens een boete op of geeft een waarschuwing. Het verstrekken van valse informatie is immers op zichzelf - anders dan het indienen van een onvolledige aanvraag - ook al een strafbaar feit.
Hoofdstuk
Artikel 41
Informatieplicht gedurende de aanvraagprocedure
Onderdeel van Verzamelbeleidsregels Participatiewet IOAW, IOAZ, Bbz 2015