In plaats van een boete geeft het college een schriftelijke waarschuwing als het niet (tijdig) of niet correct nakomen van de inlichtingenplicht;
niet heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verstrekken van een uitkering;
er sprake is van een gering benadelingsbedrag, oftewel lager dan € 150,00;
er sprake is van een zelfmelder, de belanghebbende meldt alsnog de gewijzigde omstandigheden nadat de uitkering over die betreffende kalendermaand is uitbetaald en de mogelijke benadelingsbedrag verrekend kan worden met het lopende recht op bijstand;
heeft geleid tot nul fraude binnen een periode van twee jaar nadat eerder een waarschuwing is gegeven. De datum van het betreffende besluit bepaalt wanneer de periode van twee jaar begint. Vindt na afloop van die 2 jaar wederom een schending inlichtingenplicht plaats met een nul fraude, wordt ook hier weer een waarschuwing gegeven. Dit omdat het college ervan uit gaat dat er sprake is van administratieve onzorgvuldigheid door belanghebbenden en geen intentie tot opzettelijk frauderen.
Hoofdstuk
Artikel 47
Waarschuwing in plaats van een boete
Onderdeel van Verzamelbeleidsregels Participatiewet IOAW, IOAZ, Bbz 2015