Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 2.7

– Experimentele uitstroompremie

Onderdeel van Nadere regels bij de Re-integratieverordening Participatiewet

1. . Het college kan een experimentele uitstroompremie toekennen: aan degene van wie het recht op uitkering in de periode vanaf 1 januari 2024 tot en met 31 december 2025 is geëindigd in verband met inkomsten uit arbeid en die ten minste twee maanden daarna geen aanspraak op uitkering maakt; aan de uitkeringsgerechtigde die in de periode vanaf 1 januari 2024 tot en met 31 december 2025 inkomsten uit arbeid is gaan verkrijgen en in verband daarmee ten minste twee kalendermaanden een lager bedrag aan uitkering ontving. 2. . De experimentele uitstroompremie, als bedoeld in onderdeel a van het vorige lid, bedraagt voor iemand die gedurende 18 maanden of korter aanspraak maakte op uitkering, € 300. De premie is € 40 hoger voor elke maand dat de uitkering langer duurde, maar bedraagt maximaal € 1.000. Indien de uitkering door twee personen wordt ontvangen met een verschillende uitkeringsduur, wordt uitgegaan van de uitkeringsduur van degene die het langste aanspraak maakte op uitkering. 3. . De experimentele uitstroompremie, als bedoeld in onderdeel b van het eerste lid, bedraagt € 300 en kan éénmaal aan de uitkeringsgerechtigde worden toegekend. 4. . Onder uitkering wordt in deze bepaling verstaan: algemene bijstand, tenzij het een uitkering ingevolge het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 betreft; een uitkering ingevolge de IOAW; een uitkering ingevolge de IOAZ. 5. . Bij samenloop van de experimentele uitstroompremie met een van de volgende aanspraken op een premie wordt een gecombineerde premie uitbetaald die gelijk is aan de som van de premieaanspraken op grond van: het eerste lid, onder a; het eerste lid, onder b; artikel 2.6, eerste lid. 6. . Indien de uitkering werd of wordt ontvangen door twee personen, wordt een experimentele uitstroompremie bedoeld in het eerste lid uitbetaald aan degene door wiens werkzaamheden de hoogste aanspraak is ontstaan op premie deeltijdwerk, als bedoeld in artikel 2.6, dan wel op experimentele uitstroompremie, als bedoeld in het eerste lid. 7. . Het bepaalde in artikel 2.6, vijfde en zevende lid, is van overeenkomstige toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel