**1..** Het college kan een tijdelijke tegemoetkoming voor loonkosten beschut werk verlenen aan de werkgever die in de periode van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2027 in het kader van beschut werk een of meer werknemers in dienst heeft voor wie de werkgever aanspraak maakt op loonkostensubsidie Participatiewet waarbij de loonwaarde van de werknemer ten minste 33 procent bedraagt, dan wel op loonkostensubsidie, bedoeld in artikel 10d, vijfde lid, van de wet.
**2..** De tegemoetkoming als bedoeld in het eerste lid wordt op aanvraag of ambtshalve verleend en zo veel mogelijk maandelijks uitbetaald. De uitbetaling is te beschouwen als de vaststelling.
**3..** De hoogte van de tegemoetkoming voor een werknemer als bedoeld in het eerste lid bedraagt per maand:
OAD/36 x 0,68 WML x 1,08 x 1,25 – LKS.
Hierbij staat:
- - OAD voor de overeengekomen arbeidsduur in uren per week van de werknemer;
- - 0,68 WML voor 68 procent van het minimumloon, geldend op de peildatum;
- - 1,08 voor de vermeerdering van het minimumloon met 8% vakantiebijslag overeenkomstig artikel 10d van de wet;
- - 1,25 voor de vermeerdering van het minimumloon en de vakantiebijslag met de vastgestelde vergoeding voor werkgeverslasten overeenkomstig artikel 10d van de wet; en
- - LKS voor het bedrag van de loonkostensubsidie Participatiewet waarop de werkgever over de betreffende maand aanspraak maakt voor de werknemer.