Het is van belang te weten of er sprake is van een toereikend weerstandsvermogen. Als het risicoprofiel bekend is kan een relatie worden gelegd tussen de financieel gekwantificeerde risico’s (de benodigde weerstandscapaciteit) en de middelen die de gemeente beschikbaar heeft om de risico’s financieel af te kunnen dekken (de beschikbare weerstandscapaciteit). De benodigde weerstandscapaciteit kan worden afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt de ratio weerstandsvermogen.

Beschikbare weerstandscapaciteit

Ratio weerstandsvermogen = | ----------------------------------------------

Benodigde weerstandscapaciteit

Ten aanzien van het gewenste/noodzakelijke weerstandsvermogen bestaat een grote mate van beleidsvrijheid. Het gewenste weerstandsvermogen is in de eerste plaats afhankelijk van de mate waarin de gemeente risico’s in financiële zin wenst af te afdekken.

Om het weerstandsvermogen te kunnen beoordelen dient een norm te worden vastgesteld. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van een waarderingstabel (normtabel weerstandsvermogen). Deze waarderingstabel is ontwikkeld in samenwerking met de Universiteit Twente, wordt door diverse gemeenten gehanteerd en geeft een goed inzicht in de vraag of er genoeg weerstandscapaciteit is.

Normtabel weerstandsvermogen:

WaarderingscijferRatio weerstandsvermogenBetekenis
A> 2,0Uitstekend
B1,4 < x < 2,0Ruim voldoende
C1,0 < x < 1,4Voldoende
D0,8 < x < 1,0Matig
E0,6 < x < 0,8Onvoldoende
F< 0,6Ruim onvoldoende

Het uitgangspunt is om de impact van de risico’s te minimaliseren, en wel zodanig dat voorkomen wordt dat ingrijpende beleidswijzigingen noodzakelijk worden bij het zich voordoen van niet afgedekte risico’s (vgl. paragraaf 3.1). Dit betekent dat het weerstandsvermogen tenminste voldoende moet zijn. Voorgesteld wordt voor de waardering van het weerstandsvermogen waarderingscijfer C als uitgangspunt te nemen. Dit houdt in dat de ratio weerstandsvermogen minimaal 1,0 (voldoende) dient te zijn.