1.. Aan raadsleden worden de ten behoeve van de gemeente gemaakte reis- en verblijfkosten in verband met reizen buiten het grondgebied van de gemeente ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur vergoed.

2.. Aan commissieleden worden de reis- en verblijfkosten voor het bijwonen van de vergaderingen van de commissie vergoed.

3.. De vergoeding als bedoeld in het eerste en tweede lid is:

  • - voor wat betreft de verblijfkosten gelijk aan het overeenkomstig in artikel 4, onderdeel c, van de Regeling rechtspositie wethouders bepaalde;
  • - voor wat betreft de reiskosten gelijk aan het overeenkomstig in artikel 4, onderdeel a en b, van de Regeling rechtspositie wethouders bepaalde.

4.. De reiskosten worden voor ten hoogste één vergadering per dag vergoed.

5.. Geen vergoeding ontvangt degene die zitting heeft in een commissie:

  • - als raadslid of wethouder;
  • - uit hoofde van dan wel als rechtstreeks uitvloeisel van een ambtelijke of bestuurlijke hoedanigheid dan wel van een functie bij een instelling die grotendeels van overheidswege wordt gesubsidieerd;
  • - als vertegenwoordiger van een belanghebbende instelling, organisatie of groepering, tenzij het lidmaatschap van de commissie tevens in belangrijke mate het gemeentelijke belang dient.