Artikel 3:1

De trainee maakt ten behoeve van elke traineefunctie, in samenspraak met de leidinggevende en de traineecoördinator, resultaat- en ontwikkelafspraken conform de gesprekscyclus.

Artikel 3:2

Tijdens elk traineejaar wordt de volledige gesprekscyclus doorlopen.

Artikel 3:3

Tegen het einde van elke traineefunctie vindt een beoordelingsgesprek plaats.

Artikel 3:4.

De beoordeling legt het functioneren van de trainee vast ten aanzien van:

  • - de hoofdtaken en bestaande resultaatafspraken;
  • - de ontwikkeling van de trainee in het functiegebied;
  • - de gemaakte ontwikkelafspraken/inzet in het kader van persoonlijke ontwikkeling en de ontwikkeling van de trainee in het voor HBO en WO trainees geldende persoonlijke effectiviteitsprogramma;
  • - inzet met betrekking tot de verplichte activiteiten in het kader van het traineeprogramma.

Artikel 3:5

De adjunct directeur Personeel en Organisatie van de Bestuursdienst stelt de beoordeling vast.