Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 30

Geldigheidstermijn voorrangsverklaring

Onderdeel van Huisvestingsverordening Den Haag 2015 – 2019

1.. De in artikel 29 tweede lid bedoelde voorrangsverklaring geldt alleen voor een termijn van drie maanden. 2.. De in artikel 29 vierde lid bedoelde voorrangsverklaring geldt alleen voor een termijn van ten hoogste twaalf maanden. 3.. Indien de woningzoekende kan aantonen dat de voorrangsverklaring niet binnen de termijn waarvoor de voorrangsverklaring geldt, kon worden benut én er niet sprake is van een (of meer) weigeringen van een passende woningaanbieding, kan na advies van de toetsingscommissie de duur van de voorrangsverklaring ten hoogste één maal worden verlengd. 4.. Een verzoek tot verlenging als bedoeld onder artikel 30 derde lid dient door de woningzoekende binnen twee weken na afloop van de geldigheidstermijn van de voorrangsverklaring te worden aangevraagd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel