Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder:
medewerker: de ambtenaar als bedoeld in artikel 1:1, eerste lid onder a, juncto artikel 1:2 van de CAR;
functie: de functie als bedoeld in artikel 1:1, eerste lid onder b, van de CAR;
bezoldiging: de bezoldiging als bedoeld in artikel 3:1, tweede lid onder c, van de CAR (per 1 januari 2016 vervalt dit begrip als gevolg van de invoering van een nieuw hoofdstuk 3 van de CAR/UWO, waar bezoldiging in deze regeling staat wordt na 1 januari 2016 bedoeld: salaris, salaristoelagen, vakantietoelage en eindejaarsuitkering);
CAR: de Collectieve Arbeidsvoorwaardenregeling voor de sector Gemeenten;
UWO: de landelijk overeengekomen uitwerkingsovereenkomst van de CAR;
volledige betrekking: de betrekking als bedoeld in artikel 1:1, eerste lid onder k, van de CAR.
arbeidsduur: de vooraf vastgestelde omvang van het aantal uren in een bepaalde periode gedurende welke door de medewerker arbeid moet worden verricht;
formele arbeidsduur per week: de arbeidsduur volgens de aanstelling;
feitelijke arbeidsduur per week: de arbeidsduur zoals die voor de ambtenaar voor een bepaalde week is vastgesteld;
verlofuren: het aantal uren vakantie per jaar waarop de medewerker recht heeft, met behoud van bezoldiging.