Voor de waardebepaling van de waarde van de brutolooncomponenten geldt het navolgende.
De waarde van een verlofuur ingevolge artikel 3 komt overeen met een bruto bedrag gelijk aan 1/156 van het van toepassing zijnde schaalbedrag in de maand januari van het kalenderjaar waarin aan de regeling wordt deelgenomen.
De waarde van het incidentele loon (eindejaarsuitkering, vakantietoelage) komt overeen met het bruto bedrag van de uitkering/toelage.