**1..** Er is een commissie ter voorbereiding van de beslissing op bezwaren
tegen besluiten van de raad, het college en de burgemeester van beide
gemeenten of van het algemeen en dagelijks bestuur van de
werkmaatschappij en die is belast met het onderzoek naar en de
advisering over klachten als bedoeld in hoofdstuk 9 van de wet, die
betrekking hebben op een gedraging van een bestuursorgaan zoals raad,
college (of een collegelid), de burgemeester van beide gemeenten of het
algemeen of dagelijks bestuur van de werkmaatschappij.
**2..** De commissie is niet bevoegd ten aanzien van bezwaarschriften die zijn
ingediend tegen besluiten op grond van:
een wettelijk voorschrift inzake belastingen of de Wet
waardering onroerende zaken;
de artikelen 4:18, 4:93; 4:94, 4:95 en 4:99 van de wet.
**3..** De commissie is niet bevoegd als naar het oordeel van de raad, het
college, de burgemeester of het algemeen en dagelijks bestuur van de
werkmaatschappij:
het bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk is;
het bezwaar kennelijk ongegrond is;
aan het bezwaar volledig tegemoet wordt gekomen en andere
belanghebbenden daardoor niet in hun belangen kunnen worden
geschaad.
**4..** In de gevallen als bedoeld in het derde lid beslist het bevoegde
bestuursorgaan over de toepassing van artikel 7:3 van de wet.
Artikel 2
Inleidende bepalingen
Onderdeel van “Verordening commissie bezwaarschriften en klachten 8KTD 2015”