1 De belasting die per jaar wordt geheven is verschuldigd bij het begin van het

belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.

2 Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting

verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting

als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden

overblijven.

3 Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op

ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting

als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden

overblijven.

4 Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen

de gemeente verhuist en aldaar een ander perceel in feitelijk gebruik neemt.

5 Belastingbedragen van minder dan € 9,00 worden niet geheven.

6 Voor de toepassing van het bepaalde in het vijfde lid wordt het totaal van de op één

aanslagbiljet verenigde verschuldigde bedragen afvalstoffenheffing of andere heffingen

aangemerkt als één belastingaanslag.