1.Een urgentieverklaring kan worden verleend indien zich geen
van de in artikel 2.6.5, eerste en tweede lid, genoemde
omstandigheden voordoet en de aanvrager tot tenminste één van de
volgende urgentiecategorieën behoort:
a.woningzoekenden die in een acute noodsituatie verkeren;
b.woningzoekenden die op grond van medische of sociale redenen
dringend woonruimte nodig hebben en niet behoren tot de in
artikel 2.6.7 bedoelde urgentiecategorie;
c.woningzoekenden waarvan de huidige woonruimte behoort tot een
door burgemeester en wethouders op grond van het tweede lid
aangewezen complex.
2.Burgemeester en wethouders kunnen complexen aanwijzen waarvan
de bewoners in verband met sloop of ingrijpende renovatie of
herstructurering van het gebied waarin de complexen zijn
gelegen, redelijkerwijs binnen twee jaar niet meer in hun
huidige woonruimte kunnen blijven wonen. Burgemeester en
wethouders stellen daarbij een datum vast met ingang waarvan de
bewoners van de aangewezen complexen een SV-urgentieverklaring
kunnen aanvragen.
3.Op de urgentiecategorieën bedoeld in het eerste lid, aanhef en
onder a en c, is het bepaalde in artikel 2.6.5, eerste lid
aanhef en onder j en het bepaalde in artikel 2.6.3, tweede lid,
niet van toepassing.
Hoofdstuk 2 › AFDELING I › Paragraaf 6
Artikel 2.6.8
Overige regionale urgentiecategorieën
Onderdeel van Huisvestingsverordening Ouder-Amstel 2016