1.Het bepaalde in het tweede lid, aanhef en onder b, en in het
derde en vierde lid van dit artikel is niet van toepassing op de
SV-urgentieverklaring en de urgentieverklaringen waarmee een
woningzoekende is ingedeeld in een urgentiecategorie als bedoeld
in artikel 2.6.6, tweede lid, of artikel 2.6.7, eerste lid.
2.De urgentieverklaring vervalt:
a.nadat de houder ervan niet meer behoort tot de
urgentiecategorie welke aanleiding was voor verlening van de
urgentieverklaring; of,
b.na verloop van een termijn van 26 weken na verlening van de
urgentieverklaring.
3.Burgemeester en wethouders van de gemeente die tot het in de
urgentieverklaring vermelde zoekgebied behoort kunnen besluiten
dat de urgentieverklaring een langere termijn dan die bedoeld in
het tweede lid geldig blijft indien:
a.de omstandigheden bedoeld in artikel 2.6.5, eerste lid, zich
niet voordoen;
b.de houder van de urgentieverklaring nog steeds valt in de
urgentiecategorie welke aanleiding was voor verlening van de
urgentieverklaring.
4.Met inbegrip van de in het vorige lid bedoelde verlenging
vervalt een urgentieverklaring na het verstrijken van een
periode van 52 weken na het moment waarop zij verleend is.
Hoofdstuk 2 › AFDELING I › Paragraaf 6
Artikel 2.6.9
Geldigheid van de urgentieverklaring
Onderdeel van Huisvestingsverordening Ouder-Amstel 2016