Het havengeld bedraagt voor elke keer dat een beroepsvaartuig in de
haven van Waalwijk komt per ton laadvermogen € 0,08 met een minimum
van € 4,50.
Het havengeld bedraagt voor elke keer dat een beroepsvaartuig in de
haven van Waspik of Sprang-Capelle komt per ton laadvermogen € 0,07
met een minimum van € 4,50.
In afwijking van het bepaalde in het eerste en tweede lid, bedraagt
het havengeld voor beroepsvaartuigen die de haven aandoen om slechts
een gedeelte van de zaken te lossen of te laden, indien het gewicht
van de te lossen of te laden zaken minder bedraagt dan de helft van
het laadvermogen van het vaartuig, 50% van het havengeld dat bij het
volledig laadvermogen van het binnenschip zou zijn verschuldigd, met
een minimum van € 4,50.
Voor een beroepsvaartuig dat is gemaakt, ingericht of wordt gebruikt
voor het vervoeren van containers, wordt havengeld bepaald op basis
van het aantal te lossen en/of te laden containers per keer dat het
binnenschip de haven aandoet. Het havengeld bedraagt € 0,96 per
container (ongeacht de afmeting), met een minimum van € 4,50.
Het havengeld bedraagt voor elke keer dat een pleziervaartuig in de
haven van Waalwijk komt per vierkante meter € 0,07 met een minimum
van € 4,50.
Het havengeld bedraagt voor elke keer dat een pleziervaartuig in de
haven van Waspik komt per vierkante meter € 0,07 met een minimum van
€ 4,50.
Voor elke keer, dat voor het invaren van een vaartuig in de haven
gebruik wordt gemaakt van de schutsluis, wordt boven het in artikel
3 bedoelde recht, per vaartuig een recht geheven van € 0,03 per ton
respectievelijk per container of vierkante meter met een minimum van
€ 4,50.
Onverminderd het in het zevende lid bedoelde recht is het voor op
aanvraag gebruik maken van de schutsluis buiten de vastgestelde
openingstijden een recht verschuldigd van € 33,09 per keer dat van
de schutsluis gebruik wordt gemaakt.
Het recht bedraagt voor het gebruik van de haven voor het innemen
van een ligplaats met een vaartuig als bedoeld in artikel 6 lid 1
sub c en sub d van deze verordening per in gebruik genomen
steigereenheid:
Per maandper ½ jaarper jaar
1 steigereenheid € 3,82 € 21,02 € 38,23
2 steigereenheden € 7,65 € 42,06 € 76,42
3 steigereenheden € 11,53 € 63,10 € 114,65
4 steigereenheden € 15,36 € 84,13 € 152,85
10.Voor overige vaartuigen (vlotten, pontons, drijvende kranen) bedraagt het
havengeld voor elke keer dat het vaartuig de haven bezoekt € 72,41.