1. De regeling wordt opgeheven wanneer de datum zoals bedoeld in artikel
41 is verstreken, of zoveel eerder wanneer de raden van de deelnemers,
al dan niet op basis van een voorstel van het Algemeen Bestuur, daartoe
besluiten.
2. In 2020 vindt een evaluatie plaats. Het Algemeen Bestuur stelt
uiterlijk in 2019 de procedure daarvoor vast, op basis van een voorstel
van het Dagelijks Bestuur.
3. In geval van opheffing van de regeling, besluit het Algemeen Bestuur
tot liquidatie en stelt daarvoor de nodige regels. Hierbij kan van de
bepalingen van de regeling – met uitzondering van het bepaalde in
artikel 33, derde tot en met vijfde lid en van het bepaalde in artikel
39 – worden afgeweken.
4. Het liquidatieplan wordt door het Algemeen Bestuur, de raden van de
deelnemers gehoord, vastgesteld. Het behoeft de goedkeuring van
Gedeputeerde Staten.
5. Het liquidatieplan voorziet in de verplichting van de deelnemers alle
rechten en verplichtingen van de GR Nieuw Reijerwaard over de deelnemers
te verdelen op een in het liquidatieplan te bepalen wijze, waarbij de in
artikel 33, lid 5 vermelde percentuele verdeling uitgangspunt is.
6. Zo nodig blijven de bestuursorganen van de GR Nieuw Reijerwaard ook
na het tijdstip van de opheffing in functie, totdat de liquidatie is
beëindigd.