Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 14

- Verstrekken van onjuiste of onvolledige inlichtingen zonder gevolgen voor de bijstand of reïntegratiemiddelen

Onderdeel van nr 12.10 Afstemmingsoverordening Wet werk en bijstand

1.Indien het niet of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenplicht bedoeld in artikel 17 van de wet niet heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van bijstand of inzetten van reïntegratiemiddelen, bedraagt de verlaging, onverminderd artikel 2, tweede lid, en artikel 3, derde lid, vijf procent van de bijstandsnorm gedurende één maand. 2.Indien belanghebbende gedurende een kalenderjaar het mutatieformulier voor de derde maal te laat inlevert, bedraagt de verlaging, onverminderd artikel 2, tweede lid, en artikel 3, derde lid, vijf procent van de bijstandsnorm gedurende één maand. Elke keer dat belanghebbende tijdens hetzelfde kalenderjaar het mutatieformulier weer te laat inlevert, wordt de uitkering verlaagd. De verlaging bedraagt, onverminderd artikel 2, tweede lid, en artikel 3, derde lid, vijf procent van de bijstandsnorm gedurende één maand. 3.De duur van de verlaging wordt verdubbeld, indien de belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van een besluit waarbij een verlaging wordt toegepast opnieuw schuldig maakt aan dezelfde als verwijtbare aan te merken gedraging. Met een besluit waarmee een verlaging is toegepast wordt gelijkgesteld het besluit om daarvan af te zien op grond van dringende redenen, bedoeld in artikel 6, derde lid. 4.Van het toepassen van de verlaging bedoeld in het eerste lid kan worden afgezien en worden volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing, tenzij het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de belanghebbende een schriftelijke waarschuwing is gegeven.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel