Naar hoofdinhoud
1.. De aanbieder, beheerder en of uitvoerder dient de bepalingen van de WION stipt na te leven. 2.. Op het werk moeten minimaal aanwezig zijn de gebiedsinformatie (klic), een goedgekeurde melding in AVOI-manager en (voor zover van toepassing) de vergunning of instemmingsbesluit met goedgekeurde vergunningstekening. 3.. Alle werkzaamheden dienen te worden uitgevoerd conform de eisen binnen de Flora- en fauna wet. 4.. Wijzingen in de uitvoering van het werk ten opzichte van de verstrekte gegevens waarop de vergunning of instemmingsbesluit is gebaseerd, dienen aan gemeente te worden gemeld. De wijzigingen mogen niet eerder worden gerealiseerd dan nadat hiervoor toestemming is verleend. Bij grote wijzigingen kan van de beheerder of aanbieder worden verlangd opnieuw een vergunning of instemmingsbesluit aan te vragen. 5.. Indien het college wijziging in plaats of samenstelling van de krachtens de vergunning of instemmingsbesluit gemaakte werken nodig acht, is de beheerder of aanbieder verplicht op aanschrijving van het college binnen de daarbij te stellen termijn de wijziging uit te voeren, met inachtneming van alle voorschriften en beperkingen. 6.. Vervallen kabels en leidingen moeten worden verwijderd, tenzij anders met de gemeente overeen wordt gekomen. Indien een vervallen buisleiding om gegronde reden in de ondergrond blijft liggen, dient deze te worden vol geschuimd en/of aan te uiteinden afgedicht te worden ter voorkoming van indringend water, grond, vuil etc. 7.. Bij reconstructies of herontwikkeling dient de initiatiefnemer (bijv. de projectontwikkelaar of de gemeente) een geschikt tracé aan te bieden voor de (her)aanleg van kabels en leidingen. 8.. Vóór het aanvullen van de sleuf of een pers- of lasput worden de telecom-nutsbedrijven van de vrij gegraven naastliggende en/of kruisende kabels en leidingen altijd in de gelegenheid gesteld om hun kabels en leiding(en) te inspecteren. Beheerder of aanbieder is verplicht om de informatie en coördinatie ter zake uit te voeren. 9.. De aanbieder, beheerder of uitvoerder is verantwoordelijk voor het houden van toezicht op de uitvoering van de werkzaamheden. Het toezicht van de gemeente beperkt zich tot het controleren van het naleven van de bepalingen uit het instemmingsbesluit, vergunning, de AVOI, de APV, andere gemeentelijke verordening en het Handboek. 10.. De uitvoerder dient alles te doen wat op grond van de meest actuele inzichten redelijkerwijs mogelijk is en verwacht mag worden om hinder als gevolg van bijv. lawaai, stank, modder e.d. veroorzaakt door voertuigen, machines, apparaten etc. tot een aanvaardbaar niveau beperken. Indien beheerder of aanbieder bij hoge uitzondering door de gemeente wordt toegestaan ’s avonds c.q. ’s nachts te werken is de beheerder of aanbieder verplicht in verband hiermee aanwijzingen van de gemeente op te volgen en zelf zorg te dragen voor de benodigde aanvullende instemmingen/ontheffingen. 11.. De uitvoerder zal tijdens en na het uitvoeren van de werkzaamheden de begaanbare trottoir- en wegverhardingen vrij houden van milieuschadelijke en/of verontreinigende stoffen. 12.. Alle materialen, zoals haspels, kabelresten, afzettingen en tijdelijke verkeers-maatregelen dienen direct na gereedkomen van de werkzaamheden opgeruimd te zijn. Opbrekingen dienen aan het eind van iedere werkdag vrij van losliggende materialen te worden achtergelaten: Indien dit niet is gebeurd, zullen deze materialen op werkelijke kosten van de beheerder of aanbieder door de gemeente worden opgeruimd. De toezichthouder is bevoegd om tussentijds te sommeren om bovengenoemde materialen op verzoek te laten opruimen.

Rechtspraak bij dit artikel