De taaltoets wordt niet afgenomen in de volgende situaties:
a.Draaideurklanten
Als tijdens een vorige uitkeringsperiode al een toets is afgenomen en is vastgesteld datbelanghebbende de Nederlandse taal beheerst;
Als tijdens een vorige uitkeringsperiode al een toets is afgenomen en is vastgesteld datbelanghebbende de Nederlandse taal onvoldoende beheerst, maar ook is vastgesteld datdoor in de persoon gelegen factoren belanghebbende niet is staat is om de Nederlandse taal
op referentieniveau 1F machtig te worden.
b.Belanghebbenden die een uitkering hadden in een andere gemeente en in die gemeente al eentoets hebben afgelegd. De toetsresultaten kunnen worden overgenomen, tenzij deze onvoldoendezekerheid bieden over de actuele taalvaardigheid.
c.Uit zijn aard kortdurende bijstand. Dat kan zich bijvoorbeeld voordoen bij op handen zijndeemigratie of bij een ongeneeslijke terminale ziekte.