Naar hoofdinhoud
1.. Het college stelt regels vast die waarborgen dat de uitvoering van de begroting rechtmatig, doelmatig en doeltreffend verloopt. 2.. Het college draagt er zorg voor dat: de toedeling van de budgetten en de investeringskredieten aan de productenraming geschiedt op grond van de geautoriseerde programmabegroting; wijzigingen op de oorspronkelijk geraamde lasten en baten in de productenraming geautoriseerd worden door de raad, indien deze wijzigingen leiden tot een verandering van de omvang van een programmabudget; de werkelijke lasten en baten op de juiste wijze worden toegewezen aan de producten van de productenraming; de lasten van de producten niet dusdanig worden overschreden dat de realisatie van andere producten binnen hetzelfde programma onder druk komt. 3.. Het college is bevoegd bij de uitvoering van de begroting in de loop van het jaar te besluiten tot herschikking tussen producten, onder de voorwaarden dat: de herschikking budgettair neutraal is voor de lopende begroting en de doorwerking naar toekomstige begrotingen; de herschikkingen maandelijks worden gemeld bij het voorstel begrotingswijzigingen . 4.. Het college is bevoegd overschrijdingen van de geautoriseerde lasten en onderschrijdingen van de geautoriseerde baten te dekken uit het bedrag voor onvoorziene uitgaven.

Rechtspraak bij dit artikel