24.Deze bepaling vormt de basis voor het in het leven roepen van de bezwaarschriftencommissie ter waarborging van een objectief advies richting het gemeentebestuur op bezwaren van woningzoekenden tegen (veelal het afwijzen van) een verzoek om urgentiebeschikking en/of een aanvraag om huisvestingsvergunning.
Evenals bij de urgentiecommissie is wettelijke basis voor het instellen van de commissie is gelegen in artikel 84 van de Gemeentewet.
Hiervoor is al aangegeven dat uit deze verordening een tweetal voor bezwaar en beroep vatbare besluiten kunnen voortvloeien: de urgentiebeschikking en de beslissing op de aanvraag om huisvestingsvergunning.
Deze bepaling beoogt een gelijke bezwarenbehandeling en – daarmee – gelijke interpretatie van de in deze verordening opgenomen regels in de daaruit voortvloeiende besluiten.
De bepaling laat de mogelijkheid open om één van de reeds bestaande bezwarencommissies, werkzaam bij een van de gemeenten, aan te wijzen als bezwaarcommissie (bijv. door een “huisvestingskamer” toe te voegen). Voor ogen moet worden gehouden dat het gelijkheidsbeginsel leidend is. Er kunnen daarom meerdere oplossingen worden gevonden die tot dit resultaat leiden en die minder ingrijpend zijn dan het in het leven roepen van een gezamenlijke commissie of de bezwarencommissie van een van de gemeenten met de adviserende taak te belasten, zoals het waarborgen van een uitwisselbaarheid en consistentie van de uitgebrachte adviezen (‘kennisbank’). De keuze waarop de uitwerking van deze bepaling feitelijk vorm krijgt is een bestuurlijk-politieke.
Evenals bij de urgentiecommissie is opgemerkt moet de precieze werking van de commissie worden geregeld in een door het college vast te stellen Reglement van Orde. De verordening geeft de eisen waaraan dit reglement moet voldoen.
Evenals het geval is bij de urgentiecommissie kan voor het SGE één regionale bezwaarschriftencommissie in het leven worden geroepen.
Hoofdstuk 2
Artikel 13
/ Bezwaarschriftencommissie
Onderdeel van Urgentieverordening gemeente Best 2015