Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.2

Taken en bevoegdheden van de vertrouwenspersoon

Onderdeel van Ongewenst gedrag

Lid 1. De vertrouwenspersoon heeft de volgende taken: de klager die zich tot hem/haar wendt bij te staan in de emotionele problemen die door het gebeurde zijn ontstaan. Indien nodig zorgt hij/zij voor een doorverwijzing naar andere vormen van hulpverlening. Daarnaast adviseert hij/zij de klager aangaande de mogelijk verder te volgen procedure. de klager op zijn/haar verzoek te ondersteunen bij het inschakelen van een bemiddelaar of het indienen van een klacht bij de klachtencommissie. desgewenst een rol te spelen in de nazorg, voor zover dit redelijkerwijs binnen de mogelijkheden en de bevoegdheden van de vertrouwenspersoon geacht mag worden te liggen. Lid 2. De vertrouwenspersoon verricht zijn of haar taken alleen en uitsluitend met de uitdrukkelijke toestemming van de klager.

Rechtspraak bij dit artikel