De medewerker bepaalt zelf waar hij/zij de fiets aanschaft en verzorgt ook zelf de betaling. Onder het begrip fiets wordt ook de fiets met een zogenaamde elektronische trapondersteuning verstaan.
Medewerkers mogen eenmaal per 4 jaar mee doen aan het fietsplan.
De 4-jaren-termijn begint vanaf de (eerste) verrekening.
De werkgever betaalt bij voorschot de aanschafprijs dan wel het maximaal bepaalde bedrag van € 749,- uit aan de medewerker in de maand april of november van het betreffende kalenderjaar.
De aanschafprijs kan met bruto loonbestanddelen worden verrekend, waardoor er een fiscaal voordeel ontstaat.
Verrekening van de aanschafprijs met belastingvoordeel vindt plaats in de maanden mei
(met vakantiegeld) en december (met eindejaarsuitkering). Het cafetariaplan van de gemeente Schiermonnikoog maakt het ook mogelijk om de fiets te bekostigen met bruto loon of vakantiedagen. De consequentie hiervan is dat dit (in negatieve zin) doorwerkt in de pensioen- en uitkeringsgrondslagen.
De originele bewijsstukken met betalingsbewijs kunnen alleen in de maanden april en november ter verrekening aan Personeelszaken worden aangeboden.
De medewerker dient een “Overeenkomst ter vergoeding van een fiets” (bijlage II) te ondertekenen waarin wordt verklaard dat hij/zij bekend is met de inhoud en voorwaarden van de regeling en dat de fiets wordt gebruikt voor woon-werkverkeer.
Als bij controle blijkt dat de medewerker niet aan de voorwaarden voor deelname voldoet zal alsnog de te betalen loonheffing (inclusief eventuele boete en rente) op hem/haar worden verhaald.
Hoofdstuk 11
Artikel 11:11:3
Voorwaarden van gemeente Schiermonnikoog
Onderdeel van Aanvullende uitvoeringsregels CAR-UWO