In deze afdeling wordt onder kampeermiddel verstaan: Een onderkomen
of voertuig waarvoor vergunning geen
in de zin van artikel 2:1, eerste lid onder a van de Wet algemene
bepaling omgevingsrecht is vereist, dat bestemd of opgericht is dan
wel gebruikt wordt of kan worden gebruikt voor recreatief
nachtverblijf.
Artikel 4:18 Nachtverblijf buiten kampeerterreinen
1.Het is verboden ten behoeve van nachtverblijf kampeermiddelen te
plaatsen of geplaatst te houden
buiten een kampeerterrein dat als zodanig in het bestemmingsplan is
bestemd of mede bestemd.
2.Het verbod geldt niet voor het plaatsen van kampeermiddelen voor
eigen gebruik door de rechthebbende op
een terrein en voor het plaatsen van een paraplu of kampeertentje
ten behoeve van het nachtvissen.
Het college kan in bijzondere gevallen ontheffing verlenen
van het verbod als bedoeld in het eerste lid.
Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8. kan de ontheffing
worden geweigerd in het belang van:
de bescherming van natuur en landschap;
de bescherming van een stadsgezicht.
Artikel 4:19 Aanwijzing kampeerplaatsen
Door of namens het college kunnen plaatsen aanwijzen waarop
het verbod van artikel 4:18, eerste lid niet geldt.
Door of namens het college kunnen daarbij nadere regels
worden gesteld in het belang van de gronden, genoemd in
artikel 4:18, vierde lid.