Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Uitkeringsaanvraag adresloze en Registratielijst

Onderdeel van B059 - BELEIDSREGELS BIJSTANDSVERLENING AAN DAKLOZEN 2016

De uitkering van adreslozen verloopt op basis van artikel 40, eerste lid, Participatiewet in samenhang met artikel 11 Besluit Participatiewet. Bij het beoordelen van het recht op bijstand van een adresloze is de feitelijke woon- en verblijfsituatie op het moment van het indienen van de aanvraag van doorslaggevend belang. Vanaf het moment van screening, waarbij globaal het recht op een uitkering wordt bezien, is de potentiele bijstandsgerechtigde verplicht een lijst, hierna te noemen registratielijst, in te leveren met de verwachte verblijfplaatsen voor de komende week. De adresloze dient tot nader besluit steeds een week vooraf de registratielijst als bedoeld in het eerste lid zo concreet mogelijk in te vullen en persoonlijk in te leveren bij de gemeente. De gemeente kan een onderzoek doen naar de juistheid van de aangeleverde gegevens door de aanvrager. Wanneer blijkt dat de adresloze langer dan vier weken zijn post niet meer komt ophalen, geen gebruik heeft gemaakt van de opvangvoorzieningen en door contactpersonen bij andere betrokken instanties niet meer gezien wordt, kan het recht op bijstand niet langer worden vastgesteld en de bijstandsuitkering wordt beëindigd. De adresloze wordt, indien mogelijk, zowel mondeling als bij beschikking hiervan op de hoogte gebracht.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel