Naar hoofdinhoud
1.. De raad ontslaat de leden of stelt hen op non-activiteit. 2.. Onverminderd het bepaalde in artikel 3, derde lid, eindigt het lidmaatschap van een raadslid: a.  op eigen verzoek; b.  indien het lid aftreedt als lid van de raad; c.  indien de raad van oordeel is dat het lid niet langer geschikt is de functie van de rekenkamercommissie te vervullen. 3.. Onverminderd het bepaalde in artikel 3, derde lid, eindigt het lidmaatschap van een onafhankelijk lid: op eigen verzoek; bij de aanvaarding van een functie die onverenigbaar is met het lidmaatschap van de rekenkamercommissie; wanneer het lid bij onherroepelijk geworden rechtelijke uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel bij zulk een uitspraak een maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming tot gevolg heeft; indien het lid bij onherroepelijk geworden rechtelijke uitspraak onder curatele is gesteld, in staat van faillissement is verklaard, surseance van betaling heeft verkregen of wegens schulden is gegijzeld; 4.. De onafhankelijke leden van de rekenkamercommissie kunnen door de raad worden ontslagen wanneer zij door ziekte of gebreken blijvend ongeschikt zijn hun functie te vervullen. Zij kunnen tevens worden ontslagen indien zij het vertrouwen van de raad hebben verloren.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel