Handhaving vindt plaats in twee fasen. De eerste fase begint met de
constatering van de overtreding door de GGD. De GGD kan zelf een
schriftelijk bevel geven (zie punt 2.3.1). Doorgaans zal de GGD de
gemeente echter adviseren te handhaven volgens het gemeentelijke
handhavingsbeleid. De gemeente start vervolgens het
handhavingstraject. In deze eerste fase geeft het college de houder
een aanwijzing tot herstel van de overtreding binnen een bepaalde
termijn. De aanwijzing is de eerste formele stap in het juridische
proces. De eerste fase wordt afgerond met een controle om te bepalen
of de overtredingen beëindigd zijn (nader onderzoek).
De eerste fase van de handhaving wordt uitgevoerd door een
beleidsondersteunende medewerker van de afdeling Samenleving. De
beleidsondersteunende medewerker heef overeenkomstig het
mandaatbesluit van de afzonderlijke SED gemeente het mandaat om een
aanwijzing te geven.
De tweede fase start op het moment dat de hersteltermijn genoemd in
de aanwijzing is verlopen, terwijl de overtreding niet is beëindigd.
De twee fase wordt uitgevoerd door de beleidsmedewerker van de
afdeling Samenleving. Dit is het moment waarop zwaardere
handhavingsinstrumenten ingezet kunnen worden. De tweede fase is
beëindigd als de overtreding hersteld is of als de betreffende
voorziening voor kinderopvang of peuterspeelzaalwerk niet langer in
exploitatie is.
Hoofdstuk 5
Artikel 5.5.
Fasering
Onderdeel van Beleidsnota Toezicht en handhaving Kinderopvang gemeente Drechterland 2015