Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 5

De voorzitter

Onderdeel van Verordening op de raadscommissies 2004

1.. De voorzitter wordt door de raad uit zijn midden benoemd. 2.. De voorzitter is geen lid van de raadscommissie die hij voorzit. 3.. De voorzitter is belast met: het leiden van de vergadering het handhaven van de orde het doen naleven van deze verordening hetgeen deze verordening hem verder opdraagt. 4.. Bij ontstentenis van de voorzitter wordt deze vervangen door de voorzitter van één van de andere commissies en bij ontstentenis daarvan door een raadslid dat geen zitting heeft in de betreffende commissie, zulks in overleg met het seniorenconvent.

Rechtspraak bij dit artikel