Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Afdeling 3

Artikel 4.3.2

Kapverbod

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Overbetuwe 2007

Het is verboden zonder vergunning van het college houtopstand te vellen of te doen vellen. Het verbod geldt niet voor: wegbeplantingen en eenrijige beplantingen op of langs landbouwgronden, beide voor zover bestaande uit populieren of wilgen, tenzij deze zijn geknot; windschermen om boomgaarden en fruitbomen voor zover deze niet betreffen hoogstamfruitbomen of notenbomen; naaldbomen en coniferen voor zover deze een dwarsdoorsnede hebben van niet meer dan 40 cm op 1,3 meter hoogte boven het maaiveld; kweekgoed; houtopstand die bij wijze van dunning moet worden geveld; houtopstand die deel uitmaakt van als zodanig bij het Bosschap geregistreerde bosbouwondernemingen en gelegen is buiten een bebouwde kom, tenzij de houtopstand een zelfstandige eenheid vormt die: ofwel geen grotere oppervlakte beslaat dan 10 are; ofwel bestaat uit rijbeplanting van niet meer dan 20 bomen, gerekend over het totale aantal rijen; houtopstand die moet worden geveld krachtens de Plantenziektewet of krachtens een aanschrijving of last van het college, zulks onverminderd het bepaalde in artikel 4.5.6; houtopstand ten aanzien waarvan bij een geldend bestemmingsplan of bij een geldend voorbereidingsbesluit is bepaald dat het verboden is deze te vellen zonder schriftelijke vergunning van het college (aanlegvergunning); houtopstanden in tuinen of op erven behorende bij woningen, van welke tuinen of erven het oppervlak niet groter is dan 100 m² en welke houtopstand niet zichtbaar is vanaf de openbare weg en niet voorkomt op de door het college opgestelde lijst van waardevolle tuin- of erfbomen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel